Arnoud Molenaar
Programmamanager Rotterdam Climate Proof.

Wie het nieuws volgt, kent de urgentie van (delta)steden om zich aan te passen aan het steeds extremere weer. “Orkaan Katrina bij New Orleans in 2005 gold als ‘wake up call’. Sindsdien is de urgentie gebleven”, stelt Arnoud Molenaar, programmanager van Rotterdam Climate Proof. “Het is een opgave met een combinatie van factoren. Kuststeden zijn erg in trek en kennen een economische groei. Tegelijkertijd komt het water van alle kanten op je af. Hoewel sommige nog veel werk hebben te verzetten, beseffen deltasteden zich goed dat het tijd is voor actie.” Om die reden wordt voor de tweede maal de conferentie ‘Deltas in Times of Climate Change’ gehouden in Rotterdam. Het is een initiatief van de gemeente Rotterdam, het nationale programma Kennis voor Klimaat en de ministeries van Buitenlandse Zaken en van Infrastructuur en Milieu. Dat de conferentie dit jaar is, is gunstig meent Molenaar. Er komen dit jaar verschillende lijnen bij elkaar. Rotterdam heeft haar adaptatiestrategie opgestart na een periode van onderzoek en het nieuwe Deltaprogramma is tijdens Prinsjesdag gepresenteerd.

Praktijk, beleid en wetenschap

Tijdens de conferentie staan innovatieve adaptatiestrategieën, het delen van kennis en het delen van best practices centraal. Zo zijn er vele afgevaardigden van steden aanwezig, die met vergelijkbare opgaven zitten. Zij kunnen bij elkaar te rade gaan, maar worden ook in contact gesteld met initiatieven uit de wetenschap en de markt. Vraag en oplossing worden bij elkaar gebracht. Molenaar noemt het een ‘science, policy & practice’ conferentie, waar praktijk, beleid en wetenschap bij elkaar komen. “We willen echt uit de praktijk horen wat er speelt en van daaruit kijken welke mogelijkheden er zijn. Om die reden is er ook een senator uit Manilla die een echt verhaal kan houden over wat er in zijn stad gebeurd is. Dat gaat niet over toekomstverwachtingen, maar over zaken die nu spelen.”
Een trend is dat er niet alleen gekeken wordt naar technologische oplossingen, maar ook naar ecologische mogelijkheden. Volgens Molenaar zijn er goede voorbeelden van vergroening van rivieroevers, die bijdragen aan de waterveiligheid. Een verbetering van de habitat, waarbij ook sterk wordt gekeken naar hergebruik. Bouwen met de natuur, met andere woorden. “Denk aan begroeiing die golven kunnen afvlakken. Dat sterkt het dijkensysteem.”

Implementatie

Dat delta-problematiek wereldwijd speelt, blijkt uit de aanmeldingen voor het congres. Zeker de helft van hen komt uit het buitenland, met in totaal zo’n zestig nationaliteiten. Internationale samenwerkingsverbanden op dit onderwerp onstaan steeds meer. Rotterdam is bijvoorbeeld initiator van Connecting Delta Cities (CDC), een samenwerkingsverband van 13 deltasteden en onderdeel van C40 Cities Climate Leadership Group (C40). Ook de Rockefeller Foundation bouwt aan een netwerk van steden, in de vorm van haar 100 Resilient Cities-programma. Doel is steden van over de hele wereld, waaronder Rotterdam, te ondersteunen om bestendig te zijn tegen de fysieke, sociale en economische uitdagingen die al maar toenemen in de 21e eeuw.
Molenaar benadrukt dat, hoewel de problematiek universeel is, oplossingen toegespitst zullen worden op de specifieke situaties van steden. “In 2010 waren we vooral bezig met het beschrijven van mogelijke situaties. Nu gaan we een stap verder. We weten nu hoe we dingen kunnen oplossen en spreken over de implementatie.” Qua implementatie is het volgens hem ook een kwestie van vele kleine toepassingen op grote schaal. Zo blijkt Rotterdam een heel pakket aan maatregelen te hebben ontwikkeld. Van groene daken, die een sponswerking hebben om regenwater op te vangen, tot waterpleinen en op de lange termijn maatregelen voor de Maeslantkering. “Het werkt ver door”, legt Molenaar uit. “Je moet ook inwoners overtuigen dat het niet gunstig is om de hele tuin vol te leggen met tegels.” Het zegt veel over de praktische kant van de oplossingen, maar er is ook aandacht voor financiële constructies om zaken van de grond te krijgen, evenals voor mogelijke coalities die daarvoor nodig zijn, zoals publiek-private samenwerking (PPS). Molenaar: “De kunst is om de stad op een aantrekkelijke manier te ontwikkelen, gecombineerd met klimaataanpak en economische spinoff. Dat betekent een integrale benadering, waarover we van elkaar kunnen leren. Zo zijn de Amerikanen goed in ‘community resilience’, waarbij burgers goed weten hoe ze hun steentje bij kunnen dragen. Het toont aan hoe ver de aanpak van de klimaatverandering doorwerkt.”