Het klinkt misschien tegenstrijdig gelet op het thema duurzaamheid binnen waterbeheer. Toch kunnen chemicaliën bijdragen aan efficiëntere fosfaatwinning uit afvalwater, zo vertellen Wido Waelput en Ronald Koorn, respectievelijk senior vice president en country manager bij Kemira. Het concern is onder meer actief in waterbehandelingschemicaliën voor afvalwaterzuivering. Door een waterbehandeling met ijzer- en aluminiumzouten zijn nog meer fosfaten uit het water te halen, dit tot in vergelijking met een zuivering op biologische die leest met behulp van organismen in bassins.

Schaarste

“De noodzaak hiervoor is groot, aangezien fosfaten onmisbaar zijn voor alle organismen en er naar verwachting over vijfendertig jaar schaarste optreedt. Het is zonde om kostbare grondstoffen te verspillen. Fosfaten komen nu voor negentig procent uit Marokko en Rusland. Naast hun gunstige eigenschappen en functie van grondstof, richten ze echter ook schade aan in water en stimuleren ze bijvoorbeeld algengroei. Dat vormt dus eveneens een reden om ze zoveel mogelijk uit afvalwater te verwijderen. Helaas lukt dat nog niet voor honderd procent, hoewel Scandinavië erg ver is in de ontwikkeling. Daar is de hoeveelheid nog aanwezige fosfaten in afvalwater bijna nul”, vertelt Koorn. Omdat het te koud is kan een biologische wijze van waterzuivering daar niet worden gebruikt.

Chemische waterbehandeling

“Met de chemische waterbehandeling die er wordt toegepast en die bestaat uit het toevoegen van ijzer-en aluminiumzouten, haalt men maar liefst 99 procent van de fosfaten uit afvalwater. Deze stoffen noemen we coagulanten. Fosfaten hechten zich eraan waardoor je ze uit water kunt filteren. Uiteindelijk blijft er daardoor maar 0,1 mg per liter fosfaat achter, waar dit met andere technieken 0,5 tot 2 mg is. Een wezenlijk verschil”, vertelt Wido Waelput.

In heel Europa ligt de hoeveelheid fosfaten die uit afvalwater worden gewonnen op 32 procent. Dat dit percentage niet hoger is ligt volgens de twee heren niet louter aan de technieken die men inzet. “Nederland loopt wat achter, de eis voor te verwijderen fosfaten uit afvalwater is hier vijfenzeventig procent van het beheersgebied. Daardoor is er nog een hoop te winnen met het voorbeeld van Scandinavië in het achterhoofd. Maar er zijn verschillende factoren die nog kunnen worden verbeterd, waaronder de Europese wet- en regelgeving. Die is nog niet unaniem over fosfaatterugwinning, en dat zorgt er ook voor dat duurzaamheid minder goed verder is te trekken.”

Even duurzaam

Toch heeft een chemische waterbehandeling een negatieve connotatie, en lijkt het een milieuonvriendelijke oplossing. “Als we echter de hele keten beschouwen en bijvoorbeeld beseffen dat er bij biologische zuivering ook veel energie wordt gebruikt voor de beluchting van de bassins, dan blijkt dat beide technieken onderaan de streep even duurzaam zijn. Bovendien worden er voor de toepassing reststromen ijzer en aluminium uit de industrie gebruikt”, zegt Waelput.
Op dit moment wordt in vijftig procent van de waterbassins in ons land een combinatie van de genoemde technieken gebruikt, in vijfentwintig procent een chemische waterbehandeling en in vijfentwintig procent een biologische.

Volledig recyclen

Koorn: “Op dit moment zetten we sterk in op een oplossing om fosfaat weer efficiënter te scheiden van de middelen waaraan fosfaten zich hechten voor terugwinning, de coagulanten. Teruggewonnen fosfaten hebben een belangrijke functie in de circulaire economie, omdat het zoals bekend belangrijke grondstoffen zijn. Momenteel vindt er dan ook veel onderzoek plaats naar het volledig recyclen van fosfaten, het ultieme doel. Ze zijn na terugwinning weer in te zetten als kunstmest, maar kunnen –afhankelijk van de kwaliteit- ook weer dienst doen in de voedselketen. De mogelijkheden zijn ongelimiteerd.”